Roy Spencer: ocean warming suggests climate sensitivity of 1.3 degrees

Roy Spencer and his colleague Danny Braswell have a new paper out claiming that climate sensitivity is very, very low: 1.3 degrees Celsius. Remember, the recently published WGI report of AR5 gave a range for Equilibrium Climate Sensitivity (ECS) of 1.5-4.5 and for the first time in its history IPCC did not give a best estimate for ECS. So Spencer’s new estimate lies outside the lower boundary of the IPCC AR5 range.

In the last report in 2007 their best estimate was 3 degrees Celsius. An ECS of 1.3 C by the way is very close to the theoretical radiative effect of a doubling of CO2 so it suggests that the positive feedbacks (mainly water vapor and clouds) that produce the 3 degrees of warming in GCMs are not taking place in the real climate.

Readers of this blog are probably aware that in the past year or so there have been a number of papers claiming that ECS is relatively low (between 1.5 and 2 C) based on observational data (Ring et al, Lewis, Aldrin et al, Otto et al, Masters). These studies use our best observational data for the period 1850-2013 (change in global average temperature, change in total forcing, change in ocean heat content). In doing this in practice they assume almost all the warming since 1850 is due to humans, for the simple reason that available forcing estimates for the sun over this period are very small. Note: these studies do take the recent “extra” heat in the oceans into account and therefore do not conflict with the recently popular hypothesis that try to explain the standstill in warming with heat going into the deep oceans.

Spencer and Braswell use a different period (1955-2010) and a different method than the above mentioned studies. They do use the same numbers for the total forcing though and the main reason their estimate for ECS is even lower is that part of their warming is “explained” by El Niño and La Niña events. They use a very simple 1D model and then look for the best parameter settings to describe the warming of the oceans in the period 1955-2010.

Lees verder…

Share

Implicatie nieuwe Nature-studie: helft opwarming ’75-’98 door El Niño?

Er is massale belangstelling van de media en de blogosfeer voor de vandaag gepubliceerde Nature-paper van Shang-Ping Xie en Yu Kosaka. De Volkskrant wijdde er vandaag een bericht aan en NRC zal vanmiddag ongetwijfeld volgen. De hoofdconclusie van het artikel is dat het tropische deel van de Pacific (Grote Oceaan, het gebied waar El Niño and La Niña optreden) waarschijnlijk een belangrijke rol heeft gespeeld bij de stagnatie van de mondiale temperatuur in de afgelopen vijftien jaar.

Simpel gezegd komt het erop neer dat er vermoedelijk periodes zijn van enkele decennia waarin El Niño’s domineren gevolgd door een periode waarin La Niña’s de boventoon voeren. Dat laatste zou het geval geweest zijn sinds 1998 met de veelbesproken stagnatie van de mondiale opwarming als gevolg. De auteurs zijn in de paper vrij gedecideerd over hun resultaten: “The simulated global-mean temperature is in excellent agreement with observations, showing that the decadal cooling of the tropical Pacific causes the current hiatus.”

De auteurs haasten vervolgens te zeggen dat deze periode van stagnatie dus weer voorbij zal gaan en gevolgd zal worden door een nieuwe periode van opwarming:

We conclude that the recent cooling of the tropical Pacific and hence the current hiatus are probably due to natural internal variability rather than a forced response. If so, the hiatus is temporary, and global warming will return when the tropical Pacific swings back to a warm state.

Dit is allemaal volstrekt legitiem. De grote zwakte van de paper en vrijwel alle media-aandacht is echter het onbesproken laten van de logische vervolgvraag. Als een periode met blijkbaar grotere La Niña-activiteit de opwarming door broeikasgassen volledig kan platleggen, hoeveel draagt een periode met grotere El Niño-activiteit dan eventueel bij aan opwarming? De paper zwijgt in alle talen over deze toch minstens zo belangrijke vraag. Althans in de tekst. Judith Curry was echter heel alert bij het lezen van de paper, of beter gezegd, bij het bekijken van de figuren en spotte misschien wel de belangrijkste bevinding van de paper in figuur 1b:

Hier is een zogenaamde controle-run te zien. Xie en Kosaka gebruikten een klimaatmodel en legden aan hun model de daadwerkelijk opgetreden temperaturen in de tropische Pacific op. Met die opgelegde oceaantemperaturen en verder de bekende klimaatforceringen (broeikasgassen en aerosolen) kon het model de stagnatie van de laatste vijftien jaar veel beter simuleren (te zien in hun figuur 1a, hier niet getoond). In figuur 1b leggen ze wel de oceaantemperaturen in de Pacific aan het model op maar wordt het model niet gevoed met broeikasgassen en aerosolen. De uitkomst geeft dus een indicatie van de natuurlijke respons van het klimaat. Kijk nu eens goed naar de opwarming in het model (rode lijn) tussen 1975 en 1998, de periode van opwarming die door het IPCC en de meeste klimaatwetenschappers grotendeels aan broeikasgassen wordt toegeschreven. Het opleggen van alleen de zeewatertemperaturen geeft echter al 0,4 graden opwarming in het model!

Met broeikasgassen en aerosolen erbij neemt de opwarming (hun figuur 1a) toe tot ongeveer 0,68 graden in dezelfde periode van 1975 tot 1998. Curry merkt dus terecht op dat de studie suggereert dat meer dan de helft van de opwarming het gevolg van natuurlijke klimaatverandering lijkt te zijn. Dit staat haaks op de belangrijkste conclusie van het vierde en ook het aankomende vijfde IPCC-rapport dat stelt dat tenminste de helft van de opwarming door broeikasgassen komt. Daarom schreef Curry:

Like I said, my mind is blown.  I have long argued that the pause was associated with the climate shift in the Pacific Ocean circulation, characterized by the change to the cool phase of the PDO.  I have further argued that if this is the case, then the warming since 1976 was heavily juiced by the warm phase of the PDO.  I didn’t know how to quantify this, but I thought that it might account for at least half of the observed warming, and hence my questioning of the IPCC’s highly confident attribution of ‘most’ to AGW.

Ik heb Xie en Kosaka gemaild en hen gevraagd te reageren op het blogbericht van Curry. Zodra ik antwoord heb zal ik het hier melden.

 

 

Share

15 jaar geen opwarming

HadCrut4 wereldgemiddelde temperatuur

Collega David Whitehouse van de Britse Global Warming Policy Foundation (GWPF) bericht vandaag dat de Britse Met Office/Hadley Center en de Climate Research Unit eindelijk de langverwachte HadCrut4-data geactualiseerd hebben. Met 2011 erbij is er geen opwaartse trend sinds 1997, zie de grafiek hierboven die gemaakt is door de GWPF. Dat betekent dat de stagnatie van de mondiale temperatuur nu vijftien jaar duurt.

Dat is geen cherry picking legt Whitehouse in zijn stukje uit. Je begint gewoon aan het eind en gaat net zo lang terug totdat er een opwaartse trend is. Dat is dus in het geval je in 1996 zou starten.

Het zestiende jaar zonder opwarming (2012) zit er ondertussen aan te komen. Deze zomer leek het er even op dat we op een El Niño afstevenden maar zoals blogger Luboš Motl vandaag op zijn blog bespreekt lijkt de El Niño van de baan. Daarmee zou ook 2013 wel eens geen recordjaar kunnen worden en dan zitten we op 17 jaar. Laat dat nou net het aantal jaar zijn dat volgens Ben Santer, een prominente mainstream klimaatwetenschapper, nodig is om het antropogene klimaatsignaal van de ruis (het grillige weer) te onderscheiden.

We leven in interessante tijden.

Share

Agenda

Loading...

Donate to support investigative journalism on global warming

My blog list